< vorige  |  volgende >  |  INDEX

Reeks 2500 - 2599

36e cyclus – – STARDUST

Maanbrein

Perry Rhodan – de grootste science-fiction avonturenreeks in Nederland en België


2558 • 2025    DE STAD AAN EIND VAN DE WEG


In de Melkweg schrijft men het jaar 1463 nieuw galactische tijdrekening - dat komt overeen met het jaar 5050 christelijke tijdrekening. Sinds meer dan honderd jaar heerst er vrede: de sterrenrijken werken eraan om een gemeenschappelijke toekomst tot stand te brengen.

Als de Terranen echter op de zogenoemde polypoortstations stuiten, getuigenissen uit lang vervlogen tijden, verschijnt de frequentie monarchie ten tonele: ze maakt aanspraak op de macht over elk polypoortstation. Met ruimteschepen van vormenergie of via de transportschoorstenen van de polypoortstations rukken de Vatroxen op en in het begin schijnen ze nauwelijks tegen te houden te zijn. Dan ontdekt men echter hun achilleshiel in hun sterkste wapen: de Vatroxen beschikken door middel van hun hibernatiewerelden over de mogelijkheid van de 'wedergeboorte'. Als de Terranen hun deze werelden ontnemen en de vrije bewustzijns van dit volk invangen, beëindigen ze daarmee de heerschappij van de frequentie monarchie.

Daarmee zijn echter niet alle gevaren uit de weg geruimd: er zijn nog steeds Vatroxen, waaronder de gevaarlijke frequentievolger Sinnafoch en minstens twee rivaliserende geestelijke wezens die met deze vreemde cultuur samenhangen.

De kosmische zwerver Alaska Saedelaere is intussen aan boord van het kobaltblauwe cilinderruimteschip LICHTKRACHT, een machtig schip van de ordemachten, op zoek naar haar eigenlijke bezitster: Samburi Yura, de laatste Enthoonse, die verdween maar een spoor achterliet dat schijnbaar alleen de maskerdrager kan volgen. Voor hem ligt echter de stad aan eind van de weg ...


Alaska Saedelaere heeft het spoor van Samburi Yura niet verloren, maar kan er niet zeker van zijn hoe oud het is en of het huidige traject van zijn reis hem ook daadwerkelijk dichter bij de Enthoonse brengt. Marc A. Herren beschrijft de verdere avonturen van de maskerdrager in de volgende aflevering.


Oorspronkelijke titel: Die Stadt am Ende des Weges

Auteur: Marc A. Herren

Omslag: © Dirk Schulz

Illustratie intern (Duits exclusief): © Michael Wittmann

Nederlandse vertaling: Rik Rook



Samenvatting: de maskerdrager volgt een spoor – en begaat een taboebreuk.


Locatie en tijdsruimte: LICHTKRACHT, ultramarijn-stad – 1463 NGT


Hoofdpersonen: Alaska Saedelaere – Een mens tussen hunkering en verlangen. Eroin Blitzer – De commo'dyr moet een commandant volgen die hij niet begrijpt. Het konijn – Het komt in actie als wegwijzer en is meestal wat gehaast. Korte Hanner – Er wordt op hem gejaagd omdat hij het verderf zou hebben gebracht.



Alaska Saedelaere houdt zich wederom op in een gebied van de LICHTKRACHT dat niet onder controle staat van de boordcomputer DAN. Hij neemt aan dat het gaat om een toevluchtsoord van Samburi Yura en dat diens omgeving zich steeds richt op de gedachtenwereld van een bezoeker. Zo verklaart Alaska de ontmoeting met figuren uit Lewis Carroll's 'Alice in Wonderland', die hij daar steeds weer tegenkomt. Hier vindt hij bovendien enige hutten waarin proto-Enthonen leven - of projecties van wezens waarvan Alaska de voorouders van de Enthonen vermoedt - die hem verwelkomen. Ze kennen Samburi Yura, voor hen is ze de morgenzuster. Zelf noemen ze zich het dagvolk. In de buurt bevindt zich een boom waarin het pak van de vernietiging hangt. Alaska verlangt bijna net zo erg naar het pak als dat hij uitziet naar een ontmoeting met Samburi Yura, maar DAN en de bemanning van de LICHTKRACHT staan niet toe dat hij dit instrument van de macht bezit.

Als de LICHTKRACHT volgens de opgeslagen coördinaten van Samburi Yura's sterjuweel een dwaal-planetoïde in het stelsel van een witte zon met vier planeten bereikt, volgt er een nieuwe gelegenheid voor Alaska om het pak toch nog in bezit te krijgen. Op de planetoïde verheft zich een immateriële stad (Alaska kent deze steden uit Reginald Bull's berichten over het Stardust-stelsel). Haar kleur is ultramarijn, maar ze ligt voor het grootste deel in puin. Alaska neemt aan dat deze niet 'verder kan trekken' wat kan verklaren waarom een stad van deze kleur niet werd gezien in het Stardust-stelsel. In feite wordt er vastgesteld dat deze zich hier al bevindt sinds duizenden jaren. Alaska betreedt de stad en wordt bijna meteen overweldigd door haar mentale verlokking. De psionische beïnvloeding is donker, boosaardiger als die van de andere bekende steden. Alleen met moeite lukt het hem om terug te keren naar de LICHTKRACHT. Daar vaststaat dat Samburi Yura hier is geweest, of tenminste wilde dat Alaska een kijkje zou nemen in ultramarijn-stad, moet hij daarheen terugkeren. En dat is hem, zoals hij Eroin Blitzer en zichzelf wijsmaakt, alleen mogelijk met bescherming van het pak van de vernietiging. Ervoor betreedt hij opnieuw Samburi Yura's toevluchtsoord het 'Wonderland' en wordt door een konijn naar het dorp geleid van de proto-Enthonen. Na een intieme belevenis met een vrouw van het dagvolk, die lijkt te veranderden in Samburi Yura en hem zegt dat vele taboes moeten worden doorbroken, neemt Alaska het pak van de vernietiging, dat daar nog steeds in de boom hangt, en trekt het aan.

Zo uitgerust betreedt hij opnieuw ultramarijn-stad. Hij bespeurt een boosaardige uitstraling die van de gebouwen schijnt uit te gaan en die de talrijke bewoners van de stad aanzet tot permanente strijd. Alaska ziet hoe een lynch-menigte een enkel wezens najaagt, en redt deze. Het wezens stelt zich voor als Korte Hanner. Hij is een Jaranoc en men verwijt hem schuldig te zijn aan de huidige toestand van de stad. Daar Alaska hem het leven heeft gered is Hanner volgens de erecodex van de Jaranoc nu een slaaf van de Terraan. Alaska toont de Jaranoc enige afbeeldingen. Hanner herkent Samburi Yura's portret en het sterjuweel. Plotseling worden de gebouwen transparant. Een proto-Enthoonse verschijnt. Er geen radioverbinding met de LICHTKRACHT mogelijk. De stad leidt het vertrek in.


Nederlandse vertaling hoofdpersonen en samenvatting:

© Cornelis van den Ende