TRIPTYCHON-stations Oaghonyr en Phariske-Erigon – 6 maart 1333 NGT (4920 na Chr.) en 20 miljoen jaar v. Chr.

  1. van de grootste science-fiction avonturenreeks in Nederland en België

  1. Perry Rhodan archief

 


Reeks

2200 - 2299


33e cyclus:

DE STERREN-OCEAAN


Klik op Perry hierboven om terug te keren naar de hoofdpagina


Klik hiernaast op een afbeelding

voor de uitvergroting


Klik op

< vorige en volgende >

om snel van pagina te wisselen


2279 • 1507    TIJD DER SCHADUWEN


Hoofdpersonen: Orren Snaussenid - De Schohaake ademt de sfeer van thuis. Druben Eskuri - Een kroniekschrijver leeft in een tijd van schaduwen. ARCHETIM - De superintelligentie brengt vrede, hoop en geluk. Orgid Sasstre - Één van de vijftien gouverneurs staat voor de grootste uitdaging in zijn carrière. Na-Da - De Togg heeft een slecht voorgevoel.


Terwijl op de Aarde de mysterieuze god Gon-Orbhon steeds meer mensen in zijn ban slaat, ontdekken Terraanse wetenschappers, dat zich in de zon een psi-materieel veld bevindt. Het gaat daarbij waarschijnlijk om het lijk van een superintelligentie. Dit wordt over kosmische afstanden door Gon-Orbhon 'afgetapt'.

Intussen weten de Terraanse wetenschappers ook, dat het bij het vreemde veld gaat om de overblijfselen van het wezen ARCHETIM. De kleine Schohaaken waren zijn favoriete hulpvolk.

Myles Kantor, de Terraanse chef-wetenschapper, rust een expeditie uit om meer over ARCHETIM aan de weet te komen. Aan boord bevindt zich ook Orren Snaussenid, een van de ongeveer duizend Schohaaken, die kort geleden als uit het niets op Terra opdoken, zonder zich iets van hun verleden te herinneren. Aan boord van het schip INTRALUX bereikt het team drie mysterieuze zonnestations - en beleeft een tijd der schaduwen ...



Samenvatting: een Schohaake heeft direct contact - en bespeurt een superintelligentie.


In het TRIPTYCHON-station, die op de grens tussen fotosfeer en de daaronder liggende convectiezone van de Zon is ondergebracht, bevinden zich vele duizenden 'versteende' Schohaaken. Ook de beide vermeende standbeelden die het portaal van de hangar flankeren, waarin de zwaar beschadigde INTRALUX nu staat, waren eens levendige Schohaaken. Dit volk had een techniek ontwikkelt om lichamen van levende wezens voor de eeuwigheid te conserveren. De behandelden, incarnaties genoemd, zijn niet werkelijk dood en als men ze aanraakt ervaart men hun levensgeschiedenis alsof men het aan de lijve ondervindt. Het functioneert alleen maar bij wezens van dezelfde soort. Dat alles ervaart Orren Snaussenid als hij één van de beide incarnaties in de hangar aanraakt. Meteen worden de herinneringen van de 20 miljoen jaar oude 'versteende' Schohaake Druben Eskuri op hem overgedragen, Snaussenid beleeft deze herinneringen als ware het zijn eigen, en komt daarbij te weten hoe ARCHETIM is gestorven:

Ca. 20 miljoen jaar geleden was ARCHETIM de heersende superintelligentie in de huidige machtigheidsballing van HET en de Schohaaken waren zijn favoriete volk. ARCHETIM verbleef in de Melkweg die toentertijd de naam Phariske-Erigon droeg. ARCHETIM had lang geleden de oorlog beëindigd en de talrijke strijdende volkeren van de galaxie de vrede gebracht, doordat hij bij hen de agressiviteit wegnam. Sindsdien waren alle volken van de galaxie steeds door de vredelievende, warme aanwezigheid van ARCHETIM vervuld. Zijn residentie had ARCHETIM op de planeet Oaghonyr in het centrum van de Melkweg. Druben Eskuri was als kroniekschrijver daarheen geroepen. Daarbij had zijn vader hem geholpen, die hij tot dan toe niet had gekend, en die een invloedrijke persoon was op Oaghonyr. De superintelligentie was op dat moment niet aanwezig. ARCHETIM'S ZETEL op Oaghonyr was verlaten. ARCHETIM was al langere tijd met andere superintelligenties naar een onbekend deel van de kosmos vertrokken om daar de retroversie van een negasfeer in te leiden, om er dus voor te zorgen dat in dit deel de chaos weer met de informatieoverdracht kon functioneren door kosmische Messengers.

ARCHETIM'S terugkeer van deze missie vindt plaats tijdens Druben Eskuri's leven. De superintelligentie was echter zeer verzwakt, preciezer gezegd: ARCHETIM lag op sterven. Klaarblijkelijk had hij bij het succesvol verlopen proces van de retroversie het grootste deel van zijn mentale substantie verloren. Na ARCHETIM'S dood, die de gehele machtigheidsballing in vertwijfeling stortte, werd zijn 'lijk' met een gigantische ruimteschepen-processie naar een tot dan toe onbeduidende zon (Sol) gebracht. ARCHETIM had Sol al eerder tot dit doel voorbestemd. Het binnenste van de Zon werd het graf voor het psi-materiële lijf van de superintelligentie.
Duizenden incarnaties - waaronder Druben Eskuri en zijn geliefde - werden in de door de Schohaaken geconstrueerde knoopstations gebracht. Op dat moment begint zich al af te tekenen dat ARCHETIM'S vrede op een zwakke basis is gebouwd want zonder zijn invloed begonnen de volkeren van Phariske-Erigon al snel weer over elkaar heen te vallen. Vredelievende volken, zoals de Schohaaken, konden het zonder de hulp van de superintelligentie niet alleen redden om de oude structuren overeind te houden. De Schohaaken stonden daardoor zware tijden te wachten …

Wederom vernamen de Terranen meer over de geschiedenis van hun vaderland - en over kosmische samenhangen. Kennelijk kunnen de mysterieuze negasferen op meerdere manieren gerepareerd worden: ten eerste door speciale methoden, zoals bij TRIICLE-9 toegepast, daarnaast door de zogenoemde retroversie, wat daar ook onder verstaan moet worden.

Vast staat voortaan definitief, dat zich binnen Sol inderdaad het lijk van de superintelligentie ARCHETIM bevindt en de Schohaaken daarmee in een oorzakelijk verband staan.

Met de volgende PERRY RHODAN-aflevering wisselt de plaats van handeling. Michael Marcus Thurner bericht over het lot van een volk, dat zich na het einde van de hypercocon aan de nieuwe omstandigheden moet aanpassen.


Oorspronkelijke titel: Zeit der Schatten

Auteur: Horst Hoffmann

Cover ©: Alfred L. Kelsner

Illustratie intern (Duits exclusief) ©: Michael Wittmann

Nederlandse vertaling: Scriptura/S.J. Sinnema

Prijs €5.25 (dubbele editie)


Nederlandse vertaling hoofdpersonen en samenvatting ©:

Cornelis van den Ende